Zaterdag keert het Giant Liv Benelux Off-road Team terug naar Drenthe. Exact twee maanden na de Bartje 200, staat nu de Veldslag om Norg. Ons team heeft meerdere ijzers in het vuur, waaronder ‘de Joop Zoetemelk van de Veldslag om Norg’, Thom Bonder. Na drie keer tweede te zijn geworden in de afgelopen edities, hoopt hij ditmaal op het hoogste deel van het podium te mogen staan. Gerben Mos en gastrenner Thijs Zonneveld starten ook bij de mannen, Rosa van Doorn, Monique Zeldenrust en Tessa Neefjes bij de vrouwen.

Twee keer over werd Thom door Robbert de Nijs verslagen in de sprint om de zege. Bij de vorige editie was het Jasper Ockeloen die hem te snel af was. Nu hoopt hij dus op meer, maar de Drentse thuisrijder weet ook als geen ander dat dat nog niet zomaar gedaan is. “Er staat altijd wel een handvol goede rijders aan de start”, zo schetst hij.”Gerben en ik behoren daartoe, maar ook Laurens ten Dam, Jasper Ockeloen, Tim Smeege zijn er dus en Thijs die bij ons meerijdt. Daarnaast zijn er altijd nog wel wat outsiders en bij een wedstrijd als deze kunnen wegrenners ook vaak lang mee.”

Met dat laatste snijdt Thom het feit al aan dat je niet perse op de mountainbike hoeft te rijden. “In de Veldslag maakt het niet uit op welke fiets je start. Het kan ook een crossfiets, strandfiets of gravelbike zijn. Maar in het verleden is dat niet echt veel gedaan, sowieso niet voorin, en ik ga het ook niet doen. Ik ben niet gewend aan zo’n fiets en daarbij worden de verschillen meestal niet gemaakt op een punt waar je voordeel hebt met zo’n fiets. Op de rechte stukken zal het lastig zijn om weg te rijden. Het verschil wordt meestal gemaakt op de Weperbult, zo’n 25 kilometer voor de finish, of in de stukjes bos die er zijn.”

(Tekst gaat verder onder de foto)

De eerste groep in de Veldslag om Norg in 2019, met Thom in tweede positie

In totaal moet er 100 kilometer afgelegd worden in de marathon. Thom kent de regio, maar bereidde zich nog wel extra voor. “Afgelopen woensdag heb ik de eerste 60 kilometer van de route gereden. In de eerste 50 kilometer gaat het min of meer alleen maar rechtdoor. Ik verwacht dan ook dat er lange tijd een vrij grote eerste groep zal zijn. Meestal houden de beste renners zich dan nog wat gedeisd en vaak zie je dat de mensen die later niet mee kunnen het werk doen. De eerste 25 kilometer zal het ook wel wat meer dringen zijn, zoals op de weg. Ik vind het wel fijn als we dan op een gegeven moment met een groepje weg zouden zijn.”

Vooraan zitten
De parcourskennis komt zeker van pas. “Je moet zorgen dat als de singletracks komen, je vooraan zit. Dan is het net als in een criterium. Als je daar voorin zit, hoef je niet steeds te remmen. De meeste renners hebben niet dusdanige parcourskennis dat ze weten waar ze vooraan moeten zitten. Ik denk dat ik daar wel iets voordeel van heb. Maar het hele parcours is best snel en dan zitten in de laatste 50 kilometer alle singletracks. Dat ligt me op zich wel goed. Vooraf zou ik zeggen dat ik alleen tevreden ben met een eerste plaats, maar het kan zijn dat het koersverloop zo is, dat ik er ook blij mee kan zijn als het wat anders is.  Echter, in principe is het enige dat telt de eerste plaats.”

Voor Tessa wordt het haar eerste deelname aan de Veldslag om Norg. “Vorig jaar wilde ik hem ook rijden, maar toen was ik er te laat bij en zat de wedstrijd al helemaal vol”, vertelt ze. Ditmaal treft Tessa een editie onder vrij warme omstandigheden. “Daar ben ik wel blij mee, want tot nu toe heb ik dit seizoen bijna alle wedstrijden in de regen gereden. Dit is dus ook wel een keer lekker. En ik vind het ook zeker niet erg als het warm is.”

(Tekst gaat verder onder de foto)

Tessa Neefjes

Modder of geen modder
Hoewel ze de route nog niet kent, verwacht Tessa net als Thom dat het rap zal gaan. “Ja, ik denk dat het een snelle race wordt. Deze vrijdagmiddag ga ik het laatste deel van het parcours verkennen. Ik hoorde al dat er veel gravelpaden op de route liggen en hoorde dat het een beetje een racebaan is. Van de andere kant zag ik ook dat er afgelopen week nog modder lag en dat kan in het bos best lang blijven liggen. Van de andere kant zullen de gravelstroken droog zijn. Ik verwacht zeker een hoog gemiddelde in de eerste uren.”

Wat daarbij ook van belang is, is dat de wedstrijdrensters in de eerste wave van start gaan, samen met de snelle mannen. “Dat was in de Bartje 200 ook zo. Het is even afwachten hoe ze het precies doen. We hebben al eens gehad dat we echt met de vrouwen bij elkaar werden gezet, maar ook dat het allemaal door elkaar stond. Je moet in ieder geval goed opletten en in de gaten houden wie er qua concurrenten nog bij zitten. Van de andere kant is ook gewoon zo lang mogelijk de snelle mannen volgen en dan hopen dat je goed zit.”

Extra cadeau
Tessa hoopt op een goede dag. “Ik keek al wel echt uit naar deze wedstrijd, want ik denk dat het parcours me ligt. Daarbij heb ik een goed trainingskamp gehad en won ik in de Ardennen de cyclosportief Vélomédiane Claudy Criquiélion. Dat gaf dus vertrouwen, maar daarna ben ik helaas de hele week ziek geweest. Gisteren voelde ik me echter weer een stuk beter en vandaag ga ik de eerste keer weer echt fietsen. Mijn doel voor zaterdag is om voor de winst te gaan, maar ik zal moeten zien hoe het in de wedstrijd is. Deelname voelt voor mij als een extra cadeau, want ik was al bang dat ik niet kon starten.”