Waar een groot deel van het team zondag de Bartje 200 reed, zocht Rosa van Doorn het wat verderop. Zij ging Duitsland in om deel te nemen aan de Erbeskopf Bike Marathon in Thalfang, een 71 kilometer lange marathon met 1750 hoogtemeters. Dat deed ze met succes. Rosa won de wedstrijd namelijk! En dan te bedenken dat de deelname ‘last minute’ was. “Vrijdagmiddag kwam ik op een spontaan idee om aan de wedstrijd deel te nemen.”

De plannen die Rosa eigenlijk had waren namelijk anders. “In eerste instantie wilde ik mijn teamgenoten als supporter bijstaan tijdens de Bartje 200”, vertelt ze daarover. “Maar vanwege de coronamaatregelen was dat niet mogelijk. Zondagochtend ben ik daarom samen met mijn vader om 5.00 uur in de auto gestapt naar Thalfang. Na ruim drie uur rijden kwamen we aan in de prachtige heuvels, waar we gezamenlijk met alle vrouwen van start gingen.”

Waar het in Drenthe lange tijd droog was, was dat in Duitsland wel anders. “Het was een regenachtige dag en het parcours werd spekglad. Bij de afdalingen met boomwortels moest je goed je concentratie houden. Al gauw kwamen we in een kopgroep terecht met vier rensters, met daarbij onder meer de Duitse Stefanie Dohrn. Zij eindigde vorig jaar als zesde op het WK marathon en behaalde al twee keer de winst bij de TransAlp.”

Solo naar de finish
Het werd een mooie strijd. “We hielden elkaar goed in gaten, waardoor wegrijden op de gravelstroken lastig werd. Toch probeerde iedereen tactisch te rijden. Op het Trailpark van Erbeskopf kon ik een gaatje slaan, maar dit werd al snel dicht gereden. Ook in de tweede lange klim had ik een kleine voorsprong. Bij poging drie heb ik op een steile klim volle bak doorgetrokken. Daarna kwam het besef; ‘ik moet nog 17 kilometer’. Gelukkig kon ik een steady tempo vasthouden tot de finish en wist ik de eerste plaats te behalen.” Na ruim drie uur kwam Dohrn op een minuut achterstand binnen. Haar landgenote Chiara Beer werd vlak daarachter derde.

Foto top: @Fotokeks01

Een overwinning voor Bas Peters, tweede plaats voor Tessa Neefjes, derde plek voor Thom Bonder en vijfde plaats voor zowel Monique Zeldenrust als Gerben Mos. Is de Bartje 200 dan geslaagd voor het Giant Liv Benelux Off-road Team? Wij denken van wel! Natuurlijk, die klasseringen moeten we verdelen over een mannen- en vrouwenwedstrijd, maar dan nog. Het was een zeer succesvolle dag. Met veel bijzondere ervaringen.

Bij de mannen ontstond al snel een kopgroep van negen renners. Met daarbij Bas, Thom en Gerben. Door een ketting probleem moest de laatste afhaken. Het lukt hem nog om heel wat renners weer voorbij te rijden, maar uiteindelijk kon hij niet meer terugkomen aan de kop. Daar bleven drie renners over; Bas en Thom, samen met Stan Godrie. Het was Bas die vervolgens de sprint won.

“We hadden ons voorgenomen om constant vooraan te rijden”, kijkt Bas terug op de 200 kilometer lange ultra-marathon door Drenthe. “Ik heb lekker mijn kopbeurten gedaan. Na 170 kilometer voelde ik me wel even wat minder, maar gelukkig kon ik me herpakken door goed te eten en te drinken. In de laatste 15 kilometer begon de diesel weer goed te draaien. Ik wist dat ik op kop moest zitten in de laatste 500 meter en dat pakte dus goed uit.”

Geen idee wat te verwachten
Waar Bas, Thom en Gerben allen al ervaring hadden met een 200 kilometer tocht, was dat niet voor iedereen het geval. Voor Larissa Hartog was het een compleet nieuw avontuur. “Dit was mijn allereerste marathon ooit”, zo vertelt ze. “Ik had er erg veel zin in, maar geen idee wat ik ervan zou mogen verwachten. Met als doel om de finish te halen en goed te eten en te drinken ging ik van start. Omdat ik achterin de wave van start ging was er in het begin nog veel oponthoud, maar na een paar tientallen kilometers kon ik steeds een lekker groepje vinden om de kilometers af te tikken.”

(Tekst gaat verder onder de foto)

Een lang lint aan het begin van de Bartje 200.

Rekening houdend met de lange afstand, probeerde Larissa zo goed mogelijk in te delen en zichzelf te verzorgen. “Bij elke post ben ik even gestopt om de bidons te vullen en het eten aan te vullen. Na 80 kilometer kwam ik ook nog ten val door een renner voor me die ik niet meer kon ontwijken. Toen had ik de boa stuk en het duurde even voordat ik deze weer aan de praat kreeg. Uiteindelijk heb ik gelukkig mijn weg weer kunnen vervolgen. De eerste 180 kilometers gingen boven verwachting, eigenlijk heel erg goed! Ik had geen last van de benen, alleen wel van zere handen van het stuur vasthouden, haha.”

Als een tierelier!
Een ultra-marathon zou echter geen ultra-marathon zijn, als de man met de hamer toch niet nog even stiekem zijn plaats langs het parcours had ingenomen. “Na 180 kilometer ging het even heel moeizaam en had ik een dipje. Maar ik heb goed gegeten en gedronken en daarna ging ik weer als een tierelier! Aan mijn laatste 10 kilometer begon ik in mijn eentje, nadat vlak ervoor alle mannen in mijn groepje moesten afhaken. Ik heb daarna mijn eigen tempo kunnen houden en in de laatste paar kilometers samen met twee mannen het tempo nog op kunnen voeren. Wat gingen we hard! Toen hebben we nog zo’n 15 man in kunnen halen en toen was de finish daar. Ik was helemaal leeg, maar wel voldaan. Dit was een heek toffe ervaring!”

Overal spierpijn
Ook Tessa maakte haar debuut als het ging om een 200 kilometer. Dat dat goed ging bleek wel uit haar tweede plaats achter winnares Rozanne Slik. “We gingen van start vanuit wave 1 met de mannen”, kijkt ze terug. “Dus hadden in begin hadden we lekker wat kopmannen, haha. Het brak op een single track en toen zat ik in een groep met Rozanne tot ongeveer 85 kilometer. Daarna heb ik vooral in een groep van drie en hele stukken alleen gereden. Kortom; het was echt pittig dagje en een goede mentale training. Ik heb nog nooit zolang op mijn fiets gezeten en heb nu overal spierpijn.”

Monique had op haar beurt wel ervaring met een ultra-marathon, maar ook voor haar is het geen gesneden koek. Sterker nog; voor wie wel? Het is immers geen alledaagse afstand op de mountainbike. Haar eerste zin was dan ook tekenend; “Zo dat was een beste! Ik had van tevoren een mooi plan gemaakt, alleen de uitvoering daarvan was wat minder”, zo vertelt ze met een knipoog. “De eerste 100 kilometers gingen best goed, maar ik heb te gek gedaan. Daarna was het overleven naar de finish. In het tweede deel heb ik dus aardig wat tijd verloren en ben ik uiteindelijk van plaats drie nog teruggezakt naar de vijfde plaats bij de vrouwen.”

Foto’s podium: organisatie

Komende zondag 4 juli mogen de teamrijders van het Giant Liv Benelux Off-road Team weer een ‘stukje’ fietsen. Stukje tussen aanhalingstekens ja, want de Bartje 200 die op het programma staat is wel meer dan dat. Een marathon van 200 kilometer door Drenthe, dat gaat je niet in de koude kleren zitten. Of zoals ze er zelf zeggen; ‘Drenthe doet wat met je’. Dat zal ditmaal zeker zo zijn. Larissa, Tessa, Monique, Thom, Bas en Gerben staan allemaal aan de start én ze kijken in dit artikel ook allemaal vooruit op de wedstrijd.

Te beginnen met onze twee ‘debutanten’. Voor Larissa Hartog en Tessa Neefjes wordt het namelijk de eerste 200 kilometer ultra-marathon waar ze aan deel gaan nemen. Het enthousiasme is er zeker. “Ik kijk er erg naar uit om Bartje 200 te gaan rijden”, vertelt Larissa dan ook. “Het lijkt me een gave ervaring, maar het gaat wel enorm zwaar worden. Het wordt mijn allereerste marathon wedstrijd ooit en dan meteen z’n lange, dus dat maakt het wel meteen speciaal. Ik hoop dat de weersomstandigheden meezitten en dat ik hem helemaal kan uitrijden.”

Ook Tessa is erg benieuwd naar wat haar te wachten staat; “Het is weer een hele andere uitdaging dan alle andere wedstrijden. 200 kilometer op de mountainbike; zolang heb ik überhaupt nog nooit op een fiets gezeten. Met de mountainbike marathons is het langste dat ik tot nu gedaan heb denk ik iets van 4,5 uur. Dat wordt nu zeker wel het dubbele qua uren. Daarbij heb ik op de racefiets wel twee keer 200 kilometer getraind, maar dat is toch ook heel anders dan de mountainbike. Dus dat gaat wel even anders worden; een mooie uitdaging!”

Grens verleggen
Als ze vooruit kijkt, kijkt Tessa dan ook naar de positieve dingen; “Ik kijk er naar uit om een keer zo’n lange wedstrijd te hebben en ben erg benieuwd hoe het na 6 a 7 uur gaat! Het is een mooie mentale uitdaging om de grens weer te verleggen. Er is niet iets waar ik echt tegenop zie eigenlijk, haha! De lange afstand zie ik alleen maar als een mooie uitdaging. Als ik dan toch wat moet noemen is het de vroege start. In Italië moesten we met de Sella Ronda ook rond 7.00 uur starten, dus dat is vroeg de wekker zetten om op tijd te eten. We starten met de mannen, dus dat zal hard gaan vanaf het begin. Op naar zondag!”

(Tekst gaat verder onder de foto)

Monique in actie

Mochten ze informatie willen inwinnen, dan kunnen Larissa en Tessa dat in ieder geval nog doen bij Monique Zeldenrust. Voor haar wordt het niet de eerste keer, maar ze is wel duidelijk; “200 kilometer blijft een eind!” Maar ook Monique kijkt er zeker naar uit. “Allereerst is het natuurlijk mooi dat we sinds lange tijd weer een evenement/wedstrijd in Nederland hebben. Daar kijk ik erg naar uit. Deze wedstrijd vergt toch een wat andere aanpak dan de wedstrijden die ik normaal gesproken rijd. Ondanks dat ik niet specifiek of anders getraind heb voor deze wedstrijd, heb ik voor mezelf een plan gemaakt en hoop ik dat ik op deze manier toch een mooi resultaat kan neerzetten.”

Compleet andere omstandigheden
De Drenthe 200, georganiseerd door dezelfde organisatie, kent Monique al. Die is echter tussen Kerst en Oud & Nieuw. Kortom; onder compleet andere omstandigheden. “Onderweg zal ik best tegen dingen aanlopen, maar daar zie ik wel de uitdaging van in. Het weer lijkt goed mee te werken, niet te warm, niet te koud en af en toe een buitje voor de verkoeling en tegen het stof. Dat maakt het al makkelijker dan in de winter een 200 kilometer tocht rijden, waar je lichaam al meer energie nodig heeft om warm te blijven.”

Waar de vrouwen deels hun debuut maken en hopen te scoren, verwachten we de mannen ook zeker van voren. Bas Peters, Thom Bonder en Gerben Mos hopen een mooi blok te vormen. De laatste is samen met Thom een thuisrijder in Drenthe én staat als titelverdediger aan de start, na het winnen van de afgelopen editie in 2019. “Ik kijk er weer naar uit”, is Gerben dan ook vrolijk. “Weer een ultra-marathon in Nederland! Wij staan met een sterk blok van Giant aan de start dus we gaan het zien! De Drenthe 200 is een mooi evenement. Je rijdt veel van vaste mountainbike route naar route en dat vind ik wel leuk.”

Speciaal gevoel
Als er iemand is die zich al jaren bewezen heeft, ook als het gaat om het rijden van ultra-marathons na een minder specifieke voorbereiding, dan is het Bas. “Na een lange break de tweede race van het seizoen”, vertelt hij er nu over. “Sittard was de eerste. Dat was een korte cross country en nu een heel lange 200 kilometer. Dat is dus een totaal andere race. Ik heb er wel zin in. Het geeft toch altijd een speciaal gevoel; om 7 uur starten voor 200 kilometer op de mountainbike. Tijdens zo’n lange race zullen goede en slechte momenten elkaar afwisselen. Ik ga proberen om zolang mogelijk in de eerste groep mee te gaan en dan kijken wat er in de finale nog mogelijk is.”

(Tekst gaat verder onder de foto)

Foto: Remco Smits – Thom in actie tijdens het NK in Sittard in 2020.

En dan is er nog Thom, die in de categorie ‘indekken’ met de volgende zin zijn verhaal begint: “In vergelijking met Bas en Gerben ben ik een groentje wat betreft 200 kilometer wedstrijden op de mountainbike.” Toch is de ambitie er zeker wel bij Thom. Hij vertelt verder: “In 2018 was de Dutch Masters of MTB over 200 kilometer één van mijn eerste wedstrijden voor het team. Ik eindigde daarin als vierde. Toen was het extreem koud, met een gevoelstemperatuur van -20 en windkracht 6. Ik zat als een eskimo op de fiets.”

Gelukkig stapte Thom na die ervaring wel weer op de fiets, al was het niet in een ultra-marathon. “Dat was gelijk ook mijn laatste 200 kilometer race, want het was me niet zo goed bevallen, haha. Zondag waag ik me er dus weer aan. Het word een stuk warmer, maar er is wel een kans op regen. Ik verwacht dat het hoe dan ook een zeer zware koers wordt en dat na 200 km de sterkste wint. Ik denk dat we als team met Bas, Gerben en ikzelf voor niets minder dan de overwinning moeten rijden. Daarbij gaat het parcours eigenlijk ook over al mijn trainingsrondjes, dus dat is ook leuk.”

Informatie en online volgen
De Bartje 200 start zondag 3 juli om 7.00 uur. Rond 15.30 uur worden de eerste deelnemers aan de finish verwacht. Op de website van de organisatie is meer informatie te vinden. Ook op hun Facebook, Instagram en Twitter verwachten we updates van ze. Daarnaast zullen wij van het Giant Liv Benelux Off-road Team tijdens de wedstrijd vooral updates plaatsen in de stories op ons Instagram-account.

Foto top: Anouk Boonstra – Gerben Mos bij de Drentse hunebedden.